2de zondag van de veertigdagentijd

Auteur: Jef Schoenaerts
Datum: 13-03-2022
Liturgische tijd: Vastentijd
Liturgische jaar: C
Jaar: 2021-2022

 

“Groeien in geloof: een proces van uitgenodigd worden en ontvangen” – Lucas, 9,28-36

In het evangelie van vandaag horen we hoe de leerlingen een hevige spirituele ervaring beleven die hun geloofsgroei weerspiegelt.   Of die ervaring zo spectaculair was als Lucas vertelt, is ondergeschikt aan de vraag wat er met de leerlingen eigenlijk gebeurde.  Het lijkt erop dat  het verhaal op de berg eerder een verdichtingsmoment is van de geloofsgroei van de leerlingen die zich gaandeweg heeft voltrokken.  Het is alsof Lucas in één weidse beweging verschillende momenten en ervaringen samenbalt die zich verspreid en herhaald in hun leven hebben voorgedaan.  Laten we dat verdichtingsmoment toch even wat uiteenrafelen in de hoop er de grondstroom in te onderkennen.

Lucas plaatst dit verhaal op een scharniermoment in het leven van Jezus en van de leerlingen.   Op hun tocht met Jezus ontdekken ze stilaan hoe Gods barmhartigheid voor mensen zich op een heel eigen wijze  in hem openbaart.   En ze beseffen dat de gebedsmomenten die Jezus vaak inlast, aan de basis liggen van het gezag waarmee zich dat voltrok.    Tegelijk voelen ze steeds sterker de vijandigheid van de religieuze leiders die Jezus willen liquideren.    Het tijdstip van een fundamentele  keuze nadert: blijven we Jezus volgen, ook nu hij aangeeft dat hij naar Jeruzalem gaat, een zekere dood tegemoet?

Op deze cruciale tweesprong plaatst Lucas het verhaal van “de gedaanteverandering”.

Voor de drie leerlingen begint alles met de uitnodiging om deelgenoot te worden in de intimiteit van het gebed van Jezus.   Waar Jezus zich voordien vaak in de eenzaamheid terugtrok om te bidden, worden ze nu bevoorrechte getuigen.   Het ingrijpende van die ervaring wordt door Lucas heel beeldend vertelt: de aanblik van Jezus’ gezicht veranderde en zijn kleding werd stralend wit.  Kan je krachtiger in beeld brengen hoe bidden een mens verandert?  En in de mate de leerlingen opgenomen worden in dat intiem moment, worden ze zelf ook deel van dat proces van verandering.  

- Neem het gesprek tussen Jezus, Mozes en Elia over het fatale levenseinde van Jezus.  De kracht van dit gesprek wordt voor de leerlingen een openbaring: waar het lijden en de dood van Jezus tot dan toe een onbegrijpelijke en duistere kant was in hun geloofsgroei, krijgt het stilaan een plaats in dat lange verhaal tussen god en mens.  Het zal de leerlingen uiteindelijk meezuigen in de “vastberadenheid” (9,51) waarmee Jezus kort nadien definitief optrekt naar Jeruzalem. 

- Neem ook het beeld van de wolk die de leerlingen overschaduwt.   Is dit niet de veruitwendiging van het besef dat ze – hier maar ook op andere momenten - deel hebben aan een gebeuren  dat hen overstijgt?   Aan een mysterie waarin ze worden opgenomen eerder dan ze het zouden kunnen verwoorden of verklaren?

- En neem ook de ingesteldheid van de leerlingen die bij hun terugkeer aan niemand vertellen wat ze hadden gezien, dus ook niet aan de 9 andere apostelen.  Speelt hier de schroom om al te snel te delen wat ze gezien hebben maar nog niet doorgronden?   Ze hebben immers iets van Gods grenzeloze nabijheid ervaren bij de woorden: “Dit is mijn zoon, mijn uitverkorene” maar ze hebben nog geen taal om het vanuit zichzelf met anderen op een authentieke manier te delen.  Of zou het een vorm van dankbaarheid zijn waarmee je een geschenk koestert dat jou intiem en persoonlijk ten deel is gevallen en dat je eerst een tijdje in je eigen schatkamer bewaart?    Horen we hier niet een  weerspiegeling van een gelijkaardige ervaring nl. “Brandde ons hart niet in ons?...”

Definitief verworven is het geloof nooit.  Denken we maar aan wat later met de leerlingen gebeurt in de hof van Olijven waar hun geloof in al zijn wankelmoedigheid en ontrouw verschijnt. 

De geloofsgroei van de leerlingen wordt in dit verhaal heel sterk gekaderd als een geschenk.   Ze zijn niét de initiatiefnemers noch de eigenaars, hun bijdrage bestaat in de openheid om de eigen weg te laten verrijken door wat anderen, soms de Andere, hen aanreikt.

Zou dat het geheim kunnen zijn van wat ik soms binnen onze eigen kapelgemeenschap van Filosofenfontein ervaar ? In sommige sessies van het leerhuis over de psalmen deelt één lid van de groep wat hem in één bepaalde psalm beroert, ontroert, beweegt.   Daarna leggen andere deelnemers daar hun beleving naast.  Het werkt als voedsel om in je eigen gebedsleven mee te nemen. En in de laatste huiskerk maakten de aanwezigen elkaar deelgenoot aan het godsbeeld  van waaruit zij leven. Zonder in discussie te gaan, geeft men op zo’n bevoorrecht moment aan elkaar door waar het in het eigen geloof ten diepste om gaat.  Mensen openen een deeltje van hun schatkamer, stamelen wat ze vermoeden en spreken uit hoe geloof hen verandert.  Ze vertellen waardoor ze soms stevig, soms zoekend en  tóch “vastberaden” een pad volgen dat ze niet zomaar zelf hebben gebaand.   Het zijn momenten van uitnodiging tot luisteren.  Momenten ook van ontvangen om het nadien in stilte te laten bezinken hoe en waar het jezelf tot verandering roept, telkens opnieuw.  Momenten waarop we voorzichtig en ontvankelijk ieders geloofskern delen met elkaar, brengen ons dichter bij de grondstroom van ons eigen geloof.

Jef Schoenaerts

 

 
Preek van de week

Inschrijving

Indien u iedere week een voorstel van preektekst van een dominicaan of een lekendominicaan wilt ontvangen, vragen wij u om uw inschrijving te bevestigen door te klikken op de link. Wij danken u bij voorbaat voor uw interesse in ons initiatief.

Schakel javascript in om dit formulier in te dienen

Onze preken

  • 1
  • 2