Sint-Dominicushuis
Sparrendreef 91
8300 Knokke-Heist

Tenhemelopneming van Maria

Bernard De Cock
Zondag 15 août

Hoe minder men historisch afweet van een belangrijke persoon uit de geschiedenis, hoe groter de kans dat er na zijn of haar dood allerhande verhalen gefantaseerd worden. Dat is duidelijk het geval met de moeder van Jezus, Maria. Over haar weten we vrijwel niets. Ook de Bijbel is heel spaarzaam in zijn informatie over haar. Ze wordt er zelfs opgevoerd als ‘een vrouw die zich best niet met Jezus’ zaken bemoeit’, of – nog erger – als ‘de vrouw die van zijn zending niks snapt’. Niet erg flatterend. En toch hebben zowel theologen als volksmensen in de loop van de kerkgeschiedenis het wazige en zelfs negatieve beeld van Maria met positieve legendes opgepoetst. Ze hebben als het ware het eenvoudige Galilese meisje verheven tot een bijna goddelijke status, met nevenante titels zoals ‘maagd en moeder Gods’. Je moet er maar eens de litanie van O.L.Vrouw met haar vijftig aansprekingen op nalezen. Ook de afbeeldingen op iconen en schilderijen, de aangrijpende beeldhouwwerken en de mooie gregoriaanse en polyfone muziek volgden die trend.

Dat is prachtig. Wat in de loop van de geschiedenis binnen een geloofsgemeenschap centraal komt te staan en speciale aandacht krijgt, is zeer belangrijk; het leert ons hoe de boodschap van het evangelie verstaan werd en wordt, en hoe troostend die boodschap voor ons mensen was en is. Op dat vlak blijkt Maria in onze katholieke traditie een bevoorrechte plaats in te nemen. Niemand moet daar neerbuigend over doen.

Voor mij persoonlijk – en ik ben daarin zeker niet de enige – springen twee beelden van Maria boven alle andere uit. Aan de ene kant de liefhebbende, tedere moeder die wang aan wang met haar kind Jezus op iconen staat afgebeeld. En aan de andere kant de zittende moeder die als in één grote schreeuw het dode lichaam van datzelfde kind Jezus, ondertussen volwassen geworden en vermoord, op haar knieën vasthoudt. Een beeld dat op ons netvlies gebrand blijft door de Pieta van Michelangelo. Vreugde en pijn: beminnelijke moeder, moeder der smarten. Ze staat zo dicht bij ons, die Maria uit Nazareth. We herkennen haar zo goed in datgene wat ons overkomt aan verdriet, aan vreugde, aan tegenslag, aan geluk. Als ik zeg: ‘dicht bij ons’, dan gaat het niet alleen over vrouwen, maar ook over mannen, die meestal hun gevoelens niet zo gemakkelijk kunnen uiten.

Een kaarsje doen branden voor een beeld van Maria, een vertrouwvol gesprek met haar voeren, gewoon in stilte verwijlen bij haar gedachtenis, het zijn allemaal uiterlijke tekenen van een diep verlangen. Een soort intuïtie dat wij en onze wereld niet zijn overgeleverd aan onszelf, maar dat er iemand is die om ons geeft, dat er iemand lichamelijk teder is wanneer wij misschien geen geduld hebben in de liefde, dat er iemand huilt wanneer wij misschien geen tranen meer hebben. Iemand zei me ooit dat Maria degene was met wie hij zich echt verbonden kon voelen, door wie hij zich begrepen wist zonder dat hij dat in woorden kon uitdrukken. En ik vraag mij daarbij af: hoe kan dat toch? Hoe kan het dat die bijna anonieme vrouw uit Nazareth zo’n innige troost of vreugde verschaft in zorgen en verborgen verdriet van zoveel mensen? Dat kan niet alleen een kwestie zijn van emoties of gevoelens. Het moet dieper zitten, het moet een echte fond geven aan ons leven.

Inderdaad, het zit dieper. Het heeft te maken met het evangelie van vandaag, vooral met het vreugdelied dat Maria zingt tijdens haar bezoek aan haar nicht Elizabeth, het bekende Magnificat: Nu looft en prijst mijn ziel de Heer. Het wordt elke avond tijdens de vespers in abdijen en kloosters overal ter wereld gezongen, en het is onsterfelijk gemaakt door de prachtige composities van o.a. Monteverdi en Bach. Wat zingt Maria daar eigenlijk?

Het lied is een soort charter van ons christelijk geloof in de toekomst, het beschrijft wat nog niet is, maar waartoe wij geroepen zijn om het dichterbij te brengen. Het is een hymne tegen het ‘laisser-aller’, een lied tegen het zich-neerleggen-bij-de-situatie. Een soort visioen van wat wel eens ‘de nieuwe hemel en de nieuwe aarde’ wordt genoemd. Een werkelijkheid die een aanvang heeft genomen met de profeten van Israël die opkwamen voor een rechtvaardige en vredevolle wereld. Een werkelijkheid die, verder in diezelfde lijn, zal omgezet worden in het leven van het kind dat Maria in haar schoot draagt. Het is niet voor niets dat zij precies dit lied zingt als ze in verwachting van Jezus is. Al voor zijn geboorte bezingt zij wat de kern van zijn leven zal zijn en waartoe hij ons als volwassen man tot op vandaag zal oproepen.

Dat is niets minder dan de omkering van de gevestigde orde, een ommekeer in onze samenleving. Trotsen en machtigen verliezen hun status in Gods visie op de maatschappij. Armen en wie honger hebben krijgen eindelijk gerechtigheid. Voor een dergelijke ommekeer moet je bewust kiezen. In het Magnificat wordt duidelijk dat Maria die keuze maakt, ook al is ze het jonge frêle meisje dat geen enkel aanzien heeft, integendeel... want hoe is ze eigenlijk zwanger geraakt, dat kind? Haar keuze ziet ze duidelijk als een soort genade van godswege.

Wat Maria zo groot maakt, is dat ze tegelijk kwetsbaar en krachtig is. Kwetsbaar als een ongewenst zwangere moeder, kwetsbaar als degene die minnend speelt met het kind, haar kind dat haar later nog zal berispen, kwetsbaar in haar onbeschrijfelijk lijden onder het kruis. Maar ze gaat in die kwetsbaarheid staan, ze neemt die bewust op omwille van de droom die God met de wereld heeft – het geluk van alle mensen – en zo wordt haar kwetsbaarheid haar kracht. Daarin kan zij ons voorgaan en voelen wij haar zo dicht nabij, één van de onzen. Met emotie alleen kon Maria het niet halen. Ook wij niet. We hebben, net als Maria, de kracht van God nodig, het voorbeeld van haar zoon Jezus, de intuïtie dat wij zelf in staat zijn om een keuze te maken die ertoe doet. Het feit dat ooit iemand ‘ja’ heeft gezegd op Gods uitnodiging, geeft ons de moed te beseffen en te zeggen dat wij ook ‘ja’ kunnen zeggen.

We vieren vandaag dat Maria ten hemel is opgenomen. Laten we dezelfde keuzes maken als zij, als haar zoon Jezus. Laten we kiezen voor Gods droom. Dan maken we nu al waar wat we ooit zelf in volle heerlijkheid zullen mogen beleven. Zo moge het zijn. Zo hopen wij. Amen.

 

© Dominicains de Belgique 2019
© Dominicanen in Belgïe 2019
webmaster@dominicains.be