Sint-Dominicushuis
Sparrendreef 91
8300 Knokke-Heist

23de zondag van het jaar (A)

Ignace d'Hert
Zondag 7 september

U bent er ongetwijfeld van op de hoogte: er is een conflict tussen paus Franciscus en de Amerikaanse kardinaal Raymund Burke en nog een aantal behoudsgezinde kardinalen. Hoe ga je met elkaar om als mensen van eenzelfde geloofsgemeenschap, maar die het helemaal niet met elkaar eens zijn. Dat is het probleem waar Matteus in zijn dagen reeds mee te maken heeft. Maar bij hem staan we nog aan de wieg van de kerk als organisatie. Matteus heeft voor dergelijke conflictsituaties een mooi schema bedacht. Een rechtsgeding in drie trappen. Als eerste stap: als er een probleem is, praat het uit van mens tot mens, onder vier ogen. Luister naar elkaar. Lukt dat niet, roep er een buitenstaander bij, iemand die getuige was hoe het meningsverschil ontstaan is. Lukt het nog niet, roep de officiële instanties erbij. 

Matteus schrijft dit omstreeks 85. In die tijd kon zijn voorstel misschien nog in praktijk worden gebracht. Er is nog geen sprake van de ene, heilige, katholieke kerk, zoals wij dat verstaan. Een organisatie waar alle gelovigen verzameld zijn rond de paus van Rome als universeel opperhoofd. In de eerste eeuw is daar gewoon geen sprake  van. Er zijn enkel een aantal verspreide lokale gemeenschappen. En die zijn behoorlijk verschillend. Petrus die de leiding heeft te Jeruzalem heeft daar een andere visie op dan Paulus. Paulus is inderdaad, nogal eigenzinnig, zijn gang gegaan in heel het Middellands zeegebied waar de Jezusbeweging voet aan de grond gekregen heeft. Het zijn geen joodse mensen tot wie Paulus zich richt. Het zijn mensen met een heel andere culturele achtergrond. Zij hebben niets met die joodse figuren waar Matteus het over heeft. Mozes ? Of Abraham? En David? Onbekend! Paulus richt zich tot mensen die helemaal niets met die joodse wereld te maken hebben. De christelijke beweging is van in den beginne gekenmerkt door verscheidenheid. En dat roept uiteraard spanningen op.

Toch hebben ze een gemeenschappelijk uitgangspunt. Dat is Jezus van Nazareth. Hij staat centraal. Het levensverhaal van deze Jezus wordt echter verschillend begrepen omdat mensen uit verschillende culturen met een eigen bril naar die Jezus  kijken. Er is niet één waarheid omtrent Jezus. Dat hebben de beste van onze  missionarissen later goed begrepen. De boodschap van Jezus’ leven moet telkens weer vertaald worden binnen de cultuur waarin mensen leven. Het heeft geen zin om westerse ideeën en gewoonten en rituelen op te leggen als zijnde hét evangelie dat universeel dient aanvaard te worden.

Dat geldt eveneens voor de kerk vandaag. Wij houden toch ook niet meer vast aan ideeën en gewoonten en rituelen uit de Middeleeuwen of uit de 19e eeuw. Kerk kan maar levend blijven wanneer ze verandert. Niet om met alle winden mee te draaien. Zeker niet. Maar om in te spelen op de huidige tijdgeest, op het leven dat voortdurend evolueert en vraagt om nieuwe perspectieven op de toekomst.

Kerk als “ekklèsia” betekent immers: samen geroepen rond Jezus om hem te volgen. Om gemeenschap te vormen in zijn voetspoor. Zo is Jezus de Verrezene die opstaat in de gemeenschap van volgelingen. Die opstanding zal telkens een eigen kleur hebben : in de Filippijnen anders dan in China of in Mexico of in Sri Lanka.

Het is dan ook begrijpelijk dat paus Franciscus en met hem vele bisschoppen pleiten voor een decentralisering van de kerk. In de eerste eeuwen hadden de lokale kerken ook een veel grotere autonomie. Het is pas vanaf de tijd van keizer Constantijn (4e eeuw) dat we het begin meemaken van de algemene uniformering die leidt tot het cultuurchristendom in Europa. Zowat iedereen behoorde quasi automatisch tot die kerk. Het was een sociale en maatschappelijke vanzelfsprekendheid. Maar dat hield ook in dat het persoonlijk engagement niet zelden vervaagde. 

Vandaag staan we voor een nieuwe uitdaging. Het cultuurchristendom is voorbij. Er is geen enkele sociale druk meer. En wij herkennen ons niet meer in archaïsche geloofsformules die stammen uit de vierde en vijfde eeuw. Hier ligt natuurlijk een reden van de meningsverschillen tussen de paus en de behoudende bisschoppen. Wie zich beroept op een absolute waarheid komt zo terecht in een kerk die zich opstelt als een machtsinstituut.

Matteus pleit voor een kerk op mensenmaat. Niet een kerk van onfeilbare concilies of van pausen als absolute vorsten. Maar een gemeenschap van mensen die bouwen aan verstandhouding wederzijds. Die kerk krijgt gestalte aan de basis. Waar mensen hun geloof met elkaar delen. Waar ze hun geloof vieren in vreugde om de hoop die ze koesteren op het komen van Gods rijk onder ons. Hier en nu. “Waar twee of drie mensen in mijn naam samen zijn, ben ik in hun midden”.

 

© Dominicains de Belgique 2019
© Dominicanen in Belgïe 2019
webmaster@dominicains.be