Sint-Dominicushuis
Sparrendreef 91
8300 Knokke-Heist

32ste zondag door het jaar (C)

Anton-Marie Milh
Zondag 10 november
[Version française]

Dierbare broeders en zusters,

De opstanding tot het eeuwig leven, je zou voor minder bereid zijn te sterven. Zonder verpinken verkiezen de zeven broers uit het tweede boek van de Makkabeeën de marteldood boven het eten van varkensvlees, boven een overtreding van de goddelijke Wet. Bij elk van hen lezen we dezelfde motivatie: niet omdat hun moeder het hen heeft opgedragen, maar omdat ze vast geloven in de opstanding uit de dood. En dat geloof heeft niets te maken met reïncarnatie, een soort hergeboorte tot een tweede – maar evengoed vergankelijk – leven, maar met de opstanding tot het eeuwig leven bij God, Schepper en Bestendiger van ‘t al.

De boeken van de Makkabeeën vertellen ons de geschiedenis van die Joden die zo’n tweehonderd jaar voor Christus weigerden hun nationaal-religieuze zelfstandigheid op te geven en een verregaande hellenisering van Israël toe te staan. De opstanding tot het eeuwig leven maakte deel uit van de inzet van deze strijd. “Verlichte” Joodse geesten beschouwden deze opstanding – onder invloed van de Griekse filosofie – immers als een populair bijgeloof, terwijl het behoud van dit idee, het behoud van dit perspectief voor de Makkabeeën – letterlijk – een zaak van dood of leven was.

In Jezus’ tijd, zo’n twee eeuwen na de oorlogen van de Makkabeeën, ging deze discussie nog steeds door, waarvan de passage uit het Lucas-evangelie, die we zonet gehoord hebben, getuigenis aflegt. De vraagstellers in dit verhaal zijn de Sadduceeën, een aristocratische partij met als machtsbasis de Tempel in Jeruzalem. Ze waren collaborateurs van de Romeinen. De Sadduceeën geloofden echter niet in de opstanding uit de doden. Door Jezus een raadseltje voor te leggen proberen ze Hem de absurditeit van de opstanding diets te maken, én proberen ze – als zelfbewuste notabelen – de eenvoudige Nazareeër voor zijn eigen aanhang te vernederen. Jezus’ antwoord brengt de Sadduceeën echter zelf in verlegenheid. “De Heer is de God van Abraham, van Isaak en van Jakob, geen God van doden maar van levenden, want voor Hem leven ze allemaal.” Zij die gelouterd en gerechtvaardigd zijn, worden door God verzameld om deelachtig te zijn aan het leven van Hemzelf. Wij allen, u en ik, worden uitgenodigd om deel te hebben aan de levens- en liefdesgemeenschap van de drie-ene God, aan het goddelijk liefdesleven, een leven dat van nature eeuwig is.

Dat eeuwig leven is echter meer dan een ver toekomstperspectief. Ons eeuwig leven begint reeds hier en nu. Ons eeuwig leven begint reeds hier en nu, omdat het aangebroken is in Christus, gestorven en verrezen – voor ons! De Zoon van God is de eerste die is opgestaan uit de dood. Hij heeft de ketens van de dood verbroken, Hij heeft de weg gebaand, de weg tot dat volle, eeuwige leven. En Hij nodigt ons uit ook die weg te nemen. Hij nodigt ons uit om die weg te nemen, die Hijzelf is.

Ik zie sommigen onder jullie al puffen bij het vooruitzicht van een lange wandeling. Wees echter gerust: op de weg bevinden zich tal van rustplaatsen, vanwaar we kunnen terugkijken op het traject dat we reeds gegaan zijn, en waar we ons kunnen sterken voor de weg die nog voor ons ligt. Die rustplaatsen zijn de sacramenten. Telkens wanneer wij deelhebben aan het sacramentele leven van de Kerk, aan de tekens van Gods aanwezigheid bij zijn Volk, proeven wij van het eeuwige leven, aangebroken in Christus. In het doopsel, in de ziekenzalving, in het sacrament van de verzoening… en het meest nog in de eucharistie – zoals we die zo dadelijk zullen vieren – de bron en het hoogtepunt van het christelijke leven. In de sacramenten doet Jezus ons opstaan. Door de sacramenten nodigt Hij ons uit om deel te hebben aan het eeuwig liefdesleven, dat Hij deelt met de Vader en de Geest. Vragen wij dan in deze viering dat de Heer ons geloof in de opstanding tot het eeuwig leven sterkt, en in ons het verlangen naar zijn sacramenten, in het bijzonder de eucharistie doet toenemen. Want “Jezus’ Lichaam en Bloed bewaren ons voor het eeuwig leven”. Amen.

Mots-clés: Preek Knokke

© Dominicains de Belgique 2019
© Dominicanen in Belgïe 2019
webmaster@dominicains.be